5. Aandachtspunten

Om concreet te maken waar wij het over hebben, waar we voor staan en wat ons te wachten staat, benoemen we een aantal aandachtspunten. Deze treft u in het vervolg aan.


Het waterschapsbestel
Waterschappen zijn voor de SGP een zelfstandige (functionele) overheidsorganen. De SGP vindt dat – ondanks de intrede van de politiek- het functionele karakter centraal staat. Met professionele kennis en bestuurlijke inslag, denkt de SGP dit waar te kunnen maken. Als functionele democratie is het waterschap verantwoordelijk voor de waterkering en het regionale watersysteem in zowel het landelijk als stedelijk gebied.

Waterkeringstaak
Veiligheid bieden tegen overstromingen staat bij de SGP hoog op de agenda. De SGP vindt dat een waterschap als functioneel bestuur voor deze zorgtaak het instituut bij uitstek is. Naast het regionale belang heeft echter ook de nationale overheid een essentieel belang bij deze zorgtaak en dient zij haar verantwoordelijkheid dan ook te nemen en te laten blijken. Binnen de grenzen van HDSR voldoet het stelsel van dijkringen niet meer bij de dijken langs het Amsterdams Rijnkanaal en de Hollandse IJssel. Het is daarom van groot belang dat het waterschap de landelijke overheid weet te houden aan haar regierol in deze. Ondanks het steeds meer terugtreden van de overheid dient zij hier onverwijld en daadkrachtig op te treden.
Daarnaast dient het calamiteitenplan op orde te zijn en is oefening van de uitvoering daarvan nodig.

Waterbeheersing (waterbeheer 21e eeuw)
Het waterbeheer vraagt een andere aanpak dan voorheen. Water dient te worden gezien als één van de dragers van de ruimtelijke ordening. Waterschappen bepalen mede de noodzakelijke ruimte voor water. De provincie en gemeenten zorgen voor de wettelijke verankering en realisering. De doorvoer van voldoende zoetwater tijdens extreme droogte is niet geborgd. Dit kan consequenties hebben voor HDSR als de huidige aanvoercapaciteit moet worden vergroot. Vragen en oplossingen die niet alleen op het bordje van HDSR liggen, maar uiteraard wel inzet vragen. Het is verder van belang dat er langetermijnplannen vastgesteld worden. Immers, de grote gevolgen van de klimaatverandering kunnen niet binnen een paar jaar worden opgevangen.

Deze plannen zouden qua prioritering de volgende stappen moeten doorlopen:

  • De natuurlijke dynamiek van het watersysteem is leidraad voor het waterbeheer. Watervervuiling wordt bij de bron aangepakt.
  • Wateroverlast wordt tegengegaan door het scheiden van schoon- en vuilwaterstromen en neerslagoverschotten in de doorvoor bestemde gebieden te bergen.
  • Voor de instandhouding van het waterbeheer wordt met technische middelen gestuurd waar het op natuurlijke wijze niet kan.


Waterkwaliteit (Europese Kaderrichtlijn Water)
Voor het waterkwaliteitsbeheer wordt de Europese Kaderrichtlijn Water sturend. De invloed van het waterschapsbestuur is echter zeer groot. Het gaat om: doelen, maatregelen en kosten. Specifieke belangen dienen meer dan voorheen afgewogen te worden tegen algemene belangen. Het waterschap zal ook steeds meer op het leveren van aantoonbare prestaties moeten worden afgerekend. Dit zal een goed overleg met diverse partners vergen en een afgestemd communicatieplan. De vraag is wel: willen wij het beste jongetje van de klas zijn en vervolgens daarop ook afgerekend worden? Hierin is een afweging van belangen en het bereiken van een goed evenwicht evident. Daarbij zijn de maatschappelijke kosten en een blijvend aanvaardbaar belastingniveau belangrijke lijnen waarlangs de uitvoering van de EKW moet worden vormgegeven.

Samenwerken in de (afval)waterketen
Samenwerken in de afvalwaterketen is anno 2008 niet meer vrijblijvend. De maatschappelijke kosten moeten worden gereduceerd en het milieurendement verhoogd. De benchmarking op de totale waterketen kan voor het waterschap gevolgen hebben. Als uitvloeisel hiervan is het de verwachting dat het vrijwillige karakter van het samenwerken in de afvalwaterketen dwingender wordt. Voor de SGP zijn daarbij de laagst haalbare maatschappelijk kosten het leidende principe voor zowel het waterschap als de gemeenten.

Water in het stedelijke gebied
De SGP vindt dat in het stedelijke gebied de overheid één gezicht moet tonen. Dit houdt in dat bij de zorg voor de watertaken in het stedelijke gebied, gemeenten en HDSR, met inachtneming en respect voor elkaars taken en bevoegdheden, een maatschappelijk goed te verantwoorden onderneming dient te zijn. De SGP wil daar waar dat relevant is een gemeenschappelijk waterloket, met de gemeente als het front-office en het waterschap als back-office.
De gemeente ontvangt de klacht van de burger en overlegt vervolgens met het waterschap hoe deze klacht het beste op te lossen is. Ook bepalen HDSR en gemeenten samen wie verantwoordelijk is voor de eventuele kosten.

Water en landbouw
De SGP vindt dat bij het waterbeheer de planologische functies leidend zijn. Voor het waterbeheer in de landbouw is niet alleen wateroverlast, maar ook watertekort in perioden van droogten en inklinking een bestuurlijk aandachtspunt. Toenemende waterbehoefte (met name in de bloeiperiode) voor beregening in de fruitteelt (toch zo’n 280 fruittelers in het gebied) vraagt voor langere termijn om oplossingen waarbij fruittelers niet aan hun lot mogen worden overgelaten. Een robuust systeem (o.a. verbreding van sloten) kan veel doen om waterbehoefte in landelijk gebied duurzaam te maken. Bij functieverandering naar bijvoorbeeld fruitteelt mag niet altijd de rekening van voldoende wateraanvoer bij de ondernemer worden gelegd. Maatwerk en goed overleg zijn daarin steekwoorden.

Water en natuur
Waterbeheer is volgend aan de planologische functie. De SGP vindt dat HDSR ook haar verantwoordelijkheid dient te nemen in het behouden en bewaren van stukken ‘natte’ natuur. Het is maatwerk om lagere gebieden in te vullen met een blauwe dienst of functie (waterberging). Grondgebruikers moeten bij het ter beschikking stellen van hun gronden voor deze functie op een even adequate als verantwoorde manier (financieel) worden gecompenseerd. Er dient een stimuleringsregeling te zijn om natuurvriendelijke oevers mogelijk te maken daar waar het niet direct in strijd is met aanpalende planologische functies.

Water en recreatie
Waterschapswerken komen volgens de SGP in principe allemaal voor recreatief medegebruik in aanmerking, mits de kerntaak van het waterschap niet wordt aangetast. Daarnaast dient er oog te zijn
voor de persoonlijke of sociale belangen van de individuele gebruiker. HDSR behoort in al de projecten, waar relevant en mogelijk, het recreatief medegebruik te ondersteunen. Het recreatief (fiets)gebruik van de dijken of onderhoudspaden langs watergangen kunnen als voorbeeld worden genoemd.

Water en ecologie
De SGP streeft naar gezonde ecologische watersystemen en waterkeringen. De primaire waterschapstaken blijven leidend. Ecologisch onderhoud van waterkeringen en watergangen dient standaard in plaats van uitzondering te zijn, zonder dat daarbij uiteraard de primaire waterschapstaak wordt veronachtzaamd. Verder vindt de SGP dat HDSR als overheidsorgaan een voorbeeldfunctie heeft in gifvrij terreinbeheer. Ecologisch beheer moeten echter geen brandnetels en distelhaarden opleveren. Ten allen tijde heeft waterafvoer prioriteit.
Muskusrattenbestrijding is een nieuwe taak. Een belangrijke, waarop niet mag worden bezuinigd. De taak moet in voldoende mate kunnen worden uitgevoerd. De bestrijding van de grote waternavel waardoor watergangen dichtgroeien en de bestrijding van de geknobbelde Amerikaanse rivierkreeft waardoor vegetaties verdwijnen, dient voortvarend te worden voortgezet.

Innovatie en vernieuwing
De SGP vindt dat waterschappen een bron dienen te zijn van innovatie en vernieuwing. Samenwerken met kennis – en opleidingsinstituten is dan onmisbaar.
Andere functies van gemalen behoren te worden benut, bijvoorbeeld voor energieopwekking. Het overdragen van kennis, op basis van reciprociteit (wederkerigheid), over onze landsgrenzen heen, ziet de SGP als een uitwerking van verantwoord rentmeesterschap.

Duurzaam waterbeheer
In samenwerking met de gemeenten zal HDSR beleid moeten ontwikkelen, gericht op duurzaam waterbeheer. Op slimme wijze dient het water een plek te worden gegeven. Denkbare maatregelen zijn: het realiseren van wadi’s, het afkoppelen van schoon regenwater, rioolstelsels dimensioneren op toekomstige regenbuien, schade door overlast beperken door een andere inrichting van de openbare ruimte, voldoende open water aanleggen in stedelijk gebied enzovoorts. Het is ook een taak om particulieren (al dan niet gesubsidieerd) de mogelijkheid te bieden regenwater te ontkoppelen, via en in samenwerking met de gemeenten regentonnen tegen een geringe vergoeding aan te bieden etcetera.
Het energieverbruik van de installaties dient op basis van duurzame energie te worden ingekocht en daarnaast dienen te mogelijkheden voor elektrische opwekking (daar waar mogelijk) te worden benut.

Bedrijfsvoering
De SGP houdt van een zakelijk en professionele cultuur van het waterschap die continue verbeterd dient te worden. Alle primaire waterschapsprocessen dienen bij voorkeur ingebed te zijn in de zogenoemde PDCA-cyclus (plannen – doen – controleren – acties benoemen – plannen etc.) via bijv. het managementmodel van het Instituut Nederlandse Kwaliteit (INK). Ook vindt de SGP dat laagst noodzakelijke maatschappelijke kosten (onderdeel van verantwoord rentmeesterschap), leidend zijn. Verder heeft samenwerken tussen de waterschappen onze voorkeur boven schaalvergroting.

Verkiezingsprogramma

  1. Proloog
  2. Persoonlijk
  3. Inleiding
  4. Kieslijst
  5. Aandachtspunten
  6. Epiloog